Het verhaal van Dylan (16)

Ik ben zestien en woon met mijn moeder en zusje in een klein dorpje in het oosten van Nederland. Mijn ouders zijn gescheiden en mijn moeder heeft het heel zwaar te verduren gekregen.

Van jongs af aan heb ik mijn vader nauwelijks gezien. Hij was altijd weg, liet zich in met criminaliteit, had relaties met andere vrouwen, sloeg mijn moeder en misbruikte ook nog eens mijn stiefzus (de dochter van mijn moeder uit een eerdere relatie). Heel mijn jeugd stond in het teken van dit soort mishandeling. Het doet me walgen als ik erover spreek. Mijn vader heeft twee jaar in de gevangenis gezeten en elke week ging mijn moeder met ons op bezoek bij hem. Toen hij vrijkwam ging hij er met een andere vrouw vandoor. Mijn moeder wil nu nooit meer een relatie met een buitenlander.

Ontwikkeling

Op de lagere school ging het best goed allemaal. Ik was wel een drukke jongen die geen ‘nee’ tolereerde, maar ik had nauwelijks echt problemen met anderen. Ik heb toen zelfs een tien gehaald met een werkstuk over Anne Frank. En nauwelijks enkele maanden later, op mijn twaalfde, is mijn fascinatie voor het gedachtegoed van de nazi’s echt begonnen toen ik een documentaire zag over het Derde Rijk. Dat vond ik zo knap, dat die mensen in moeilijke omstandigheden elkaar wisten te vinden als echte broeders. Ik zag meteen dat dit in Nederland onmogelijk is zolang er vreemde elementen rondlopen. Wij Nederlanders horen samen te werken en we horen te strijden tegen de islam die eigenlijk het grootste kwaad is. In deze opvattingen werd ik bevestigd door uitspraken van andere nationaal-socialisten op internet.

Verandering

Sindsdien draag ik een legerbroek, legerlaarzen, t-shirts waarop mijn idealen tot uitdrukking komen en een zwarte bomberjack. En aangezien het op school stikte van de buitenlanders was ik al snel doelwit voor pesterijen en geweld. Mijn moeder heeft daar overigens nooit iets van gemerkt. Die heeft niet één keer contact gehad met de school. Ze zou een keer met de gezinsvoogd mee op gesprek gaan, maar dat is er nooit van gekomen.

Ik ben een vurig bewonderaar van Adolf Hitler geworden. Op mijn kamer hangen plaatjes aan de wand van mijn grote voorbeeld. Mijn bewondering voor Hitler is begonnen bij het lezen van Mein Kampf. Dit boek heb zeker al meer dan honderd keer gelezen. Tijdens de dodenherdenking op 4 mei moet ik elk jaar een minuut stilte houden van mijn ma en respect tonen voor de slachtoffers van de nazi’s. Meestal heb ik daar geen zin in en dan ga ik boven in mijn kamer naar Duitse marsmuziek luisteren. Ma laat het gebeuren zolang ik haar er niet mee lastig val.

Tussenkomst

Op school voelde ik me steeds verder in het nauw gedreven. Op een dag heeft mijn ma de school opgebeld dat het zo niet langer kon en toen ben ik van school gehaald. Mijn ma heeft daarna hulp gezocht bij een stichting. Zo werd de jeugdzorg erbij betrokken. Kregen we een gezinsvoogd die dan thuis langs kwam, de eerste was wel aardig maar die andere een klerelijer. Hij wilde me uit huis plaatsen, maar dat is nooit gebeurd. Mijn ma maakte me wakker en zei je moet je verstoppen, ze komen van de jeugdzorg om je te plaatsen in een tehuis. Zij probeert ook te voorkomen dat andere familieleden te weten komen hoe ik denk.

Mijn grootouders, die zelf de oorlog hebben meegemaakt, weten niks van mijn gedachtegoed. Waarom zou ik hen er mee lastig vallen? Waarschijnlijk geven ze dan mijn moeder de schuld en krijgt zij ervan langs terwijl het mijn eigen keuze is. Mijn vriendin, die denkt er trouwens net zo over als ik. Dat zijn de twee belangrijkste vrouwen in mijn leven: mijn moeder en mijn vriendin. Als iemand een poot naar hen uitsteekt, dan krijgt hij met mij te maken.

Afloop

Eigenlijk heeft mijn moeder steeds minder een idee van wat ik op mijn eigen kamer doe en met wie ik contact heb. Zij denkt ook dat het een fase is die zal overgaan, dat het vanzelf wel weer ‘goed’ komt. In het begin heeft ze het altijd een beetje tegengewerkt en dan ging ik er juist tegenin, maar nu negeert ze het meer. Maar ik verzeker je: nooit zal ik mijn idealen opgeven omdat de buitenwereld het van mij vraagt.

Ik ontken ook niet hoe de nazi’s hebben gehandeld in de oorlog en kampen die ze gebouwd hebben. Juist het geweld dat de nazi’s gebruiken tegen minderwaardige volkeren is bijzonder inspirerend. Het was een doeltreffende methode om het eigen volk sterker te maken. Zo vertel ik het ook als er iemand tegenover me in de trein plaatsneemt. Dan zal ik alles proberen om zo iemand ervan te overtuigen dat Hitler de grootste man uit de wereldgeschiedenis is. Het is voor mij een overtuiging, het is mijn godsdienst. Ik eer hem en ik zal hem niet onteren. Als ik hem zou onteren, zou ik mezelf door de kop schieten.